Ga naar de inhoud
    • Over Jorien

Jorien Online

  • 91. Schotland 2026-9 Terugreis

    12 augustus 2026

    Terugreis

    Het is alweer de laatste dag van ons verblijf in Schotland. Het is ook nog eens 17 maart; St. Trekpik/Patrick’s day. Hoewel dat van oudsher Ierse feest natuurlijk niet echt thuishoort in Schotland, lijkt het ook hier aan populariteit te winnen. In de kroegen waar we de afgelopen dagen waren, maakten ze reclame met drankaanbiedingen en versieringen. Vooral de Baby Guinness (Kahlua met een kraag van Baileys) als shot is populair. Ik moet er zo vroeg op de dag nog niet aan denken. Ons hotel biedt ontbijt vanaf 7:30. Onze trein vertrekt al om 7:44. We hadden ook kunnen kiezen tussen reisopties per bus, waardoor we wat langer konden uitslapen, maar de trein biedt volgens ons toch nog net iets meer comfort. Overigens heb ik ook overwogen de bus naar Stirling te nemen, zodat we daar nog anderhalf uur konden ronddolen voor we de trein naar Glasgow zouden pakken. Stirling gaan we echter een andere keer goed bezoeken. We hebben in de afgelopen dagen immers al zoveel gezien. We hopen op een rustige terugrit waarbij we het landschap een beetje aan ons voorbij later trekken.

    Het was nog geen vijf minuten lopen vanaf het hotel naar het station. Het uitchecken verliep in stijl. Ik vertelde dat ik wilde uitchecken. De nachtportier pakte de sleutelkaart van de receptie en gaf een knikje als blijk van goedkeuring en vervolgens zijn we maar gewoon weggelopen. Er is verder geen woord gewisseld. In de weken erna kregen we allerlei mailtjes met verzoeken recensies achter te laten naar aanleiding van ons bezoek. Als ze oprecht geïnteresseerd waren geweest in onze mening, was juist de uitcheck het moment geweest om ernaar te informeren, denk ik. Halverwege de wandeling hebben we een ontbijtje opgepikt in de Morrisons supermarkt. Een meal deal met een drankje, sandwich en snack, zoals ze dat in iedere Britse supermarkt verkopen. Vanaf de fruitafdeling neem ik nog een bakje blauwe bessen en gesneden meloen mee. Ik verbaas me er wederom om hoeveel troep ze hier verkopen. Ik denk dat ik 98% van de etenswaren hier niet in mijn mond zou willen stoppen.

    De trein is, zoals het de afgelopen dagen steeds geweest is, nog lang niet vol. Hij is al om 6:03 uit Mallaig vertrokken en wij stappen in te Fort William; een kopstation waar de trein van rijrichting wisselt. Er zitten vooral toeristen in en maar een paar Hooglanders, schat ik zo in. Ik verwonder me er weer eens over dat mensen zeker tien minuten bezig zijn met instappen. Het is toch niet meer dan een kwestie van je tas neerflikkeren, jas ophangen en zitten? Normaliter hebben moffen er nogal een handje van er lang over te doen, maar de Amerikanen spannen vandaag de kroon. Bovendien zijn ze weer overdreven luid. Ook zij hebben niet kunnen ontbijten in het hotel en zijn verbolgen over het feit dat het hotel de routines niet omgegooid heeft om hen, als overduidelijk middelpunt van het heelal, te plezieren. Gelukkig telt de trein twee wagons, zodat we kunnen verkassen.

    Tegen onze verwachting in, is er een trolley met catering aan boord van de trein. Uiteraard bestellen we direct koffie. Ik heb de rit over de West Highland Line van Fort William naar Glasgow nooit helemaal gemaakt vanaf Fort William. Wel in de andere richting. Voor Ruben is het de derde keer dat hij de rit in deze richting aflegt. We hebben de afgelopen dagen veel in de Schotse treinen gezeten, maar ik denk dat ik dit traject alsnog het mooiste vind. Vrijwel alle ritten waren geweldig. Als iemand in de gelegenheid is om één van de ritten te maken, moet hij dat zeker doen. Maar als je slechts één rit kunt kiezen, dan moet het deze zijn. Ik denk bovendien dat ik de rit vanuit Fort William naar Glasgow mooier vind dan in de andere richting. In de andere richting is het eerste uur van de rit niet mooi of spectaculair en het laatste deel van de bijna vier uur lange rit is mijn boog wel ongeveer ontspannen. Vanuit deze richting begint de rit juist spectaculair.

    De tweede stop is bij Roy Bridge. Hier stapt een local in die helemaal begint te glunderen zodra hij de conductrice ziet. Hij krijgt een snelle hug tijdens het instappen. Zie het maar als een iets te intieme vorm van klantenbinding. Het valt me wederom op hoe liefdevol de toch wel erg gedateerde stationnetjes worden onderhouden. Uiteraard zijn de stops niet meer permanent bemand door een stationswachter ofzo. Ik acht het niet uitgesloten dat lokale vrijwilligers de zorg voor hun stationnetje leveren en er bijvoorbeeld plantjes neerzetten. Dit geeft wel aan hoe belangrijk de voorziening is voor de kleine gemeenschappen.

    We volgen een stukje de rivier Spean over de noordoever, totdat we na de halte Tulloch de rivier oversteken en de rit in zuidelijke richting vervolgen richting loch Treig. Vanuit de raampjes aan de rechterzijde van de trein zien we hoe de Spean een overvloed aan regenval afvoert, terwijl hij slingerend als een wilde vloed het dal in stroomt. Vooral bij de Monessie gorge oogt het net als een wildwaterbaan die gevaarlijk dicht langs de fundering onder het spoor lijkt te spoelen. Aan de overzijde van loch Treig zien we de 1115 meter hoge bergtop Stob Coire Easain. In de bergen zien we dat zich talloze witte stroompjes hebben gevormd, waarin het water van de hellingen klettert.

    Ik vind het echt gaaf om te zien hoe de trein snel hoogte wint als we langs loch Treig rijden en we richting de pass bij Corrour gaan. In iets meer dan drie kwartier na vertrek uit Fort William zijn we moeiteloos geklommen ongeveer vanaf zeeniveau geklommen naar 411 meter hoogte, voordat we door het drassige veen- en heidegebied Rannoch Moor beginnen aan de afdaling. Wie houdt er nou niet van zo’n mooi uitzicht?

    Vlak na vertrek uit Corrour zie ik drie herten lopen. Het zijn wijfjes, of hindes, zoals je vrouwtjesherten blijkbaar zou moeten noemen. Ik probeer ze wederom te vangen in het beeld van mijn camera, maar uiteraard mislukt dat weer. Ook verderop langs de route zie ik nog veel herten. Ik zie er zelfs tientallen vlak voordat we bij de halte Bridge of Orchy zijn. Ik probeer er op goed geluk eentje te vangen met mijn camera. Op wonderlijke wijze mis ik ze allemaal. Zelfs degenen die direct langs het spoor staan. Oh, wat was ik graag even uitgestapt. Het zijn er zelfs zoveel dat ik me afvraag of ze naar het dal zijn afgedaald of dat ze hier in hun weide zijn opgesloten? Als er al hekken staan, lijken die me niet hoog genoeg om ze tegen te kunnen houden. Behalve dan de hekken direct langs het spoor.

    Op een bord langs het spoor lees ik de naam ‘Soldiers trenches’. Ik heb geen idee wat het betekent, maar gelukkig heb ik vrijwel de gehele route mobiel bereik, zodat ik mijn databundel kan aanspreken. Naar het schijnt, zijn het geen loopgraven, maar parallelle greppels die tussen 1763 en 1764 werden gegraven door Britse regeringssoldaten. Ze probeerden daarmee het Rannoch Moor te draineren, zodat ze de drooggevallen grond konden gebruiken om er landbouwgrond van te maken. Ondanks de enorme hoeveelheid werk die er verzet is, mislukten de pogingen gelukkig volkomen. Naar het schijnt zijn de greppels nog steeds te zien in het landschap, maar niet door mij.

    Bij Rannoch passeren we ook de Caledonian Sleeper trein, die in de tegengestelde richting rijdt en bestaat uit vier wagons. We stoppen naast de wagen met de zitplaatsen. Die mensen zijn een avond eerder waarschijnlijk uit Londen vertrokken en zitten daar nog steeds. De nachttrein lijkt te worden gebruikt door een horde treinspotters. In de deuropening staan ze wild te fotograferen. Het blijken vooral Nederlanders te zijn, want we horen ze schreeuwen. Ook een nogal enthousiaste man in onze trein wil bij iedere stop snel even uitstappen om een foto te maken van het station. Daar is helemaal geen tijd voor, laat de conductrice hem weten. Ook dat is iets wat me al eerder is opgevallen. We bevinden ons wel ver afgelegen in de Hooglanden, maar de punctualiteit is gelijk aan die elders op het spoornet. Wellicht zijn ze hier zelfs nog wel strikter, aangezien het enkelspoor betreft. Als we vijf minuten vertraging oplopen, betekent dat dat de trein uit de tegenovergestelde richting ook vijf minuten te laat vertrekt van het station waar de treinen elkaar passeren. Voor ons als reizigers is het wellicht een kalm en comfortabel ritje. Het personeel heeft heel andere belangen.

    Bij het loch Tulla en het plaatsje Bridge of Orchy voegt de autoweg A82 zich weer bij het spoor en rijdt de trein niet langer eenzaam door het moerasgebied. Even verderop, bij het plaatsje Tyndrum, zien we aan de overzijde van het dal ook de spoorlijn uit de richting Oban liggen. Bij Crianlarich voegt deze zich bij de onze. Even voor Tyndrum reden we in een hoefijzervorm rondom het dal bij het Auch Estate. De bruggen die daarvoor moesten worden aangelegd, zoals het stenen Allt Kinglass Viaduct, dateren uit 1894. Overigens vind ik dit deel van het spoor meer lijken op een omega in plaats van een hoefijzer.

    We rijden net langs loch Lomond als de railcatering nog een laatste rondje maakt. We bestellen nog maar een bakkie koffie. De route vervolgt zich langs loch Long en het Gare loch. En bij Helensburgh bereiken we plotseling weer de echt bewoonde wereld. Daarmee rijden we ook terug de Central Belt van Schotland in. Eigenlijk is het de strook tussen de oost- en westkust van de regio waarin Edinburgh ligt tot en met Glasgow. Hier woont ongeveer twee derde van alle Schotten en dat accentueert nog meer de leegheid en de ruimte van de Hooglanden. Voordat we de stad Glasgow bereiken, zien we het al een beetje aan de rotzooi die we zien liggen langs de wegen. Mensen flikkeren hun hele huisraad zo in de natuur. Maltese toestanden. De beunhaas die je oude keuken in het ravijn flikkert om de paar tientjes die hij aan jou heeft doorbelast voor het stortbordes in eigen zak te steken.

    Ik vind Glasgow op één of andere manier een leuke stad, terwijl ik Edinburgh geen zak aan vind. Ik lees wel eens berichten over dat iedereen in Glasgow aan de drugs is. Ik denk dat voor een groot deel waarheid is. Ik vind sowieso dat veel mensen in het openbaar er niet fit uitzien. Het is eenvoudig vast te stellen of iemand succesvol is of niet. Ook de klassenverschillen zijn te herkennen. Mensen uit de arbeidersklasse lijken amper kans te krijgen om daaruit te ontstijgen. Als je folders of communicatie vanuit maatschappelijke organisaties of de overheid ziet, gaat het altijd om eenzaamheid, geldproblemen, afhankelijkheid en hulpbehoevendheid. Er staan er altijd ‘normale’ mensen op. Standaard zien ze er ronduit ongezond uit. Erger nog dan in het straatbeeld zelf. Niet zelden zie je foto’s van lijkwitte, obese mensen die line dansen in een sfeerloos zaaltje onder tl-licht. Is dat dan het niveau waarop de overheid de lat legt? Er is toch niemand die zo wil eindigen op z’n 45ste? Op je 35ste oma worden, wordt hier gezien als iets natuurlijks. Het is fysiek immers mogelijk.

    Het ticket voor de trein heeft £22,- per persoon gekost. Gezien het lage aantal passagiers, denk ik niet dat de rit vandaag erg rendabel was. Datzelfde geldt voor vrijwel alle ritten die we hebben gemaakt. Blijkbaar is dat hier geen echt issue. We horen om 11:33 aan te komen op Glasgow Queen Street. We zijn echter acht minuten te vroeg. Vlucht KL942 zal om 17:20 vertrekken naar Schiphol. We hebben dus nog wat uurtjes te killen. Het voelt erg aanlokkelijk om maar gewoon in een pub te gaan zitten, maar we beloven elkaar dat we ons tenminste tot 12:00 op een andere manier moeten vermaken. Daarom lopen we een stukje Buchanan street in en vervolgens weer terug. We nemen plaats in de ‘The Counting House’. Het is dezelfde Wetherspoon pub als waar we op de heenweg zijn geweest. We vinden een vrij rustig plekje. Terwijl ik nog naar een vissenkom koffie verlang, zitten anderen hier al met een vissenkom of pitcher kleurrijke mix op schoot. Ik bestel toch maar een pint en wat pubvoer. Hoe langer hoe meer mensen komen binnen om St. Patricks Day te vieren. Velen zijn zo vroeg op de middag al volkomen bezopen.

    Op een gegeven moment beginnen we allerlei pushberichten te ontvangen van KLM met informatie over onze vlucht. Het gaat over gewijzigde gates met gatenummers die allemaal helemaal niet bestaan. Uiteindelijk eindigen we met een gatenummer dat ook absoluut niet correct is. Ondertussen hebben we echt belachelijke hoeveelheden pushberichten, sms en e-mails ontvangen. Op een gegeven moment wordt het tijd om naar de luchthaven te gaan. We zouden bij een halte vlakbij kunnen instappen op lijn 500, maar de routes in het centrum zijn allemaal omgelegd vanwege de brand op Glasgow central. De bushalte lijkt dus niet te worden bediend. We besluiten dus eerst naar het Buchanan busstation te lopen. Daarmee vullen we weer wat van de tijd. De bus zou drie kwartier over de rit naar de luchthaven moeten doen, maar het is blijkbaar rustig op de weg, want na twintig minuten stoppen we al voor de luchthaventerminal.

    Het securityfilter passeren we binnen een paar minuten. Het verloopt dus allemaal weer voorspoedig. Als je op de luchthaven van Glasgow een rustig plekje zoekt, kun je gewoon naar het einde van concourse B lopen. Daar is het alleen druk vlak voordat er daar vluchten vertrekken en dat zijn er niet zoveel. We zijn de enigen in de vrij grote ruimte en spelen potjes Wordfeud met elkaar. We hebben voor de terugweg geen businessclass aangeschaft.

    We zitten helemaal op rij 34, achterin de Embraer. Voor het geval ik het me zelf nog niet was opgevallen, wijst Ruben me op het gesprek dat de stewardessen hebben in de achterste pantry. De ene spreekt schaamteloos luid, waardoor iedereen op de achterste rijen duidelijk kan horen dat ze eigenlijk wel weer toe is aan een relatie, maar dat het eigenlijk niet zo wil lukken. Het klinkt alsof zo over iets consumptiefs spreekt, zoals een bord spaghetti. Ze geeft aan dat een huisgenoot heeft gezegd dat hij haar ‘wel zou doen’, maar dat ze een andere huisgenoot leuker vindt, dus dat ze het nog even afwacht. “De helft van het schorem hier aan boord zou je doen, jongedame. Hier ter plekke. Nu direct”, stamelt Ruben voor zich uit. Het geeft een goed gevoel dat onze comfort en veiligheid weer eens in handen zijn bij mensen die hun prioriteiten op orde hebben.

    Tijdens de korte vlucht krijgen we een sandwich ondefinieerbaar geserveerd. Met geen mogelijkheid valt vast te stellen wat er nou eigenlijk tussen zit. Ook de verpakking verraadt het niet. Niettemin smaakt het wel prima. We spoelen het maar weer weg met een drankje dat nog steeds kosteloos wordt geserveerd op deze vlucht. De vlucht duurt vandaag vijf kwartier en het lijkt haast wel alsof de piloten boven de Noordzee een aantal haakse bochten willen maken. Ik denk altijd dat dat soort dingen komen doordat piloten als het effe kan graag op bijvoorbeeld de Kaagbaan willen landen, maar dat het uiteindelijk toch de Polderbaan wordt. Dat betekent ook vandaag een pokkeneind taxiën. Eenmaal in de terminal staan we weer een half uur te wachten totdat de Marechaussee de e-gates weer eens aanzet.

    En daarmee komt helaas alweer een eind aan deze reis.

1 2 3 … 92
Volgende pagina→

Proudly powered by WordPress

Reacties laden....